Twee bijtincidenten, twee particuliere landgoederen, één terugkerende hoofdrolspeler: de wolf. Op 13 april 2025 werd op de Hoge Veluwe melding gemaakt van een bijtincident met een hardloopster. Op 19 mei 2025 volgde een soortgelijke melding vanaf Landgoed Den Treek-Henschoten bij Leusden. Beide locaties zijn uitgesproken tegen de aanwezigheid van wolven en hebben zich publiekelijk gekeerd tegen overheidsbeleid dat deze dieren beschermt. In beide gevallen wordt de betrokken wolf door staatssecretaris Rummenie en rentmeester Nijlant geïdentificeerd als Bram (GW3237m), vader van de Utrechtse roedel – al is een andere jonge wolf uit het territorium, zoals een jaarling, niet uit te sluiten.
Door Werkgroep Wolf Leusden, 20 mei 2025
Inleiding
Volgens betrouwbare bronnen is de gebeurtenis van 19 mei mogelijk. De provincie bevestigde het voorval, er is gewondenbehandeling verricht, en het DNA-onderzoek loopt. Toch is het belangrijk om de context en proportionaliteit van de reactie te onderzoeken, evenals de betrouwbaarheid van directe identificatie en de alternatieven voor dodelijke maatregelen.
Maar is deze situatie werkelijk zo uitzonderlijk en gevaarlijk als men stelt? En waarom ontbreekt in het maatschappelijk debat een bredere afweging van oorzaak, proportionaliteit en alternatieven? Dit artikel bepleit een zorgvuldige benadering en herinnert aan onze verantwoordelijkheid tegenover natuur, recht en rede.
De context van het incident
Op maandag 19 mei 2025 meldde Landgoed Den Treek-Henschoten dat een vrouw zou zijn gebeten door een wolf. De locatie was het Vogelwater, een drukbezocht recreatiegebied. Volgens de melding volgde het dier de vrouw tot aan een bankje en kon het pas met hulp van andere recreanten worden verjaagd. Bewijsmateriaal ontbreekt vooralsnog. Geen beelden, geen DNA-uitslag, geen bevestigde sporen. Toch werd vrijwel direct de naam 'Bram' genoemd.
De gelijkenis met het incident van 13 april 2025 op de Hoge Veluwe is opvallend. Ook daar werd een vrouw twee keer gebeten, ook daar werd de wolf verjaagd. In beide gevallen betreft het een privélandgoed met een anti-wolfhouding. In beide gevallen was de mediacampagne sneller dan het onderzoek.
Het feit dat zowel rentmeester Nijlant als staatssecretaris Rummenie vrijwel direct Bram aanwezen als verantwoordelijke, nog vóór afronding van het onderzoek en de DNA-uitslag, is zorgwekkend. Door zonder sluitende bewijsvoering publiekelijk schuld toe te wijzen, wordt niet alleen het natuurbeheer gecompromitteerd, maar wordt ook het belang van het slachtoffer miskend. Juist voor betrokkenen is een zorgvuldig en objectief onderzoek cruciaal. Voorbarige schuldtoewijzing schaadt niet alleen de wolf, maar ook het vertrouwen in overheid en beheer.
Ondertussen mag een andere jonge wolf uit het territorium, zoals een jaarling, niet worden uitgesloten.
De rol van de mens in probleemgedrag
De internationale literatuur is eenduidig: het overgrote merendeel van wolven dat opdringerig of gevaarlijk gedrag vertoont, is gevoerd – bewust of onbewust. Picknickplaatsen, niet-afgesloten afvalbakken, of zelfs goedbedoeld aaien en fotograferen kunnen leiden tot habituatie. Als dit niet actief wordt gecorrigeerd (met voorlichting én negatieve prikkels), ontstaat een zogeheten 'probleemsituatie'. Volgens het Wolvenplan (2023-2025) zijn er dan duidelijke interventiestappen:
- Toezicht, preventie en communicatie (voorlichting, verbod op voeren, waarschuwingen aan publiek);
- Verjaging met aversieve middelen (stemgeluid, paintball, rubberkogels);
- Monitoring en herbeoordeling;
- Slechts bij aanhoudend gedrag: dodelijke maatregelen
Er is geen enkel bewijs dat Landgoed Den Treek of De Hoge Veluwe deze stappen serieus hebben toegepast vóórdat het afschot werd geëist.
Juridisch kader en bestuurlijke zorgplicht
De wolf is beschermd onder Europese wetgeving. Alleen bij acute dreiging én na uitputting van alternatieven mag dodelijk ingrijpen plaatsvinden. De voorzieningenrechter in het geval van wolf Hubertus accepteerde zonder gedetailleerde onderbouwing de stelling dat alternatieven 'niet effectief genoeg' zouden zijn. Cruciale vragen bleven onbeantwoord:
- Waarom werd geen aversieve conditionering geprobeerd?
- Waarom werden recreanten niet expliciet gewaarschuwd voor voeren?
- Waarom werd geen tijdelijke gebiedsafsluiting overwogen? Hoewel het wel wordt afgeraden daar te wandelen (advies)?
In het geval van de Utrechtse wolf gelden die vragen des te sterker. Het DNA-onderzoek is nog niet afgerond. Camerabeelden ontbreken. Zelfs het feit of het om een wolf ging, is nog niet forensisch bevestigd. Toch spreken bestuurders publiekelijk over 'probleemwolf', "Bram" en 'afschot'. Dit schaadt de integriteit van het proces.
Politieke framing en belangenverstrengeling Het debat over wolven is gepolariseerd. Particuliere landgoederen zoals NPHV en Den Treek staan bekend om hun jachtbelangen. Beide landgoederen staan BIJ12-monitoring niet toe. De informatievoorziening verloopt selectief. Tegelijkertijd groeit de druk van anti-wolvenlobby’s in de media, waarbij incidenten worden uitvergroot en context ontbreekt.
Staatssecretaris Rummenie (BBB) noemde de betrokken wolf (hij noemde de naam 'Bram') 'een goed voorbeeld van een af te schieten wolf', nog vóór het onderzoek was afgerond. Zulke uitspraken passen niet bij een bestuurder die objectieve afwegingen moet maken. Zij versterken het gevoel dat deze wolf slachtoffer is van framing – niet van bewezen feiten.
Een bredere verantwoordelijkheid
Wie de natuur in trekt, betreedt het leefgebied van wilde dieren. Net zoals we zwijnen accepteren, of teken, of stormschade, moeten we leren samenleven met grote roofdieren – mits veilig en verantwoord. Dat vraagt iets van natuurbeheerders, van bezoekers en van beleidsmakers. Geen gemakzucht, geen angstretoriek, maar beheer gebaseerd op feiten en verantwoordelijkheid.
Conclusie: geef deze wolf een eerlijke kans
De betrokken wolf is niet het probleem. Hij is het product van een menselijk falen in preventie, voorlichting en tijdig ingrijpen. Zonder sluitend bewijs, zonder dat reconditionering is geprobeerd, mag zijn dood geen optie zijn. Laat Nederland kiezen voor ecologisch verstandig beleid. Voor herstel van vertrouwen in overheidsbesluiten. En voor respect voor het leven – ook als dat leven vier poten heeft en een zender draagt.